| Home | Gasten | Contact
» infopagina - GOG door hulpverleners
25-9-2009

Onderzoek seksueel grensoverschrijdend gedrag bij vrijwilligersorganisaties

www.justitie.nl

Het risico voor kinderen en jongeren op seksueel grensoverschrijdend gedrag bij een sportclub of andere vrijetijdsvereniging, is beperkt. Ongeveer drie op de tweeduizend mannen en tien op de tweeduizend vrouwen heeft vóór hun zestiende te maken gehad met seksueel misbruik door een bekende van de sportclub of vrijetijdsvereniging.

Dit blijkt uit een onderzoek van de Rutgers Nisso Groep, kenniscentrum seksualiteit. Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum van het ministerie van Justitie. Vandaag is het onderzoek door minister Hirsch Ballin, mede namens minister Rouvoet (Jeugd en Gezin) en staatssecretaris Bussemaker (VWS), naar de Tweede Kamer gezonden.

De conclusies van de onderzoekers sluiten goed aan bij de door de Ministers van Justitie en Jeugd en Gezin en de Staatssecretaris van VWS ingezette aanpak van de problematiek. Deze aanpak richt zich op de gezamenlijke verantwoordelijkheid van zowel organisaties, vrijwilligers als ouders bij het bevorderen van een veilig klimaat. Het pakket aan maatregelen van het kabinet voorziet in omgangsregels, gedragscode, meldprotocol, advies- en consultfunctie en een risicoprofiel aan de hand waarvan een verklaring omtrent het gedrag verlangd kan worden van de vrijwilligers.

Meer informatie
Brief Tweede Kamer: Aanbieding WODC-rapport 'Seksueel grensoverschrijdend gedrag binnen vrijwilligersorganisaties'
Brief / circulaire / beleidsregels | 25-09-2009 | pdf-document, 45 KB

Rapport WODC: Seksueel grensoverschrijdend gedrag binnen vrijwilligersorganisaties
Rapport | 25-09-2009 | pdf-document, 0.58 MB

Risico op seksueel grensoverschrijdend gedrag door vrijwilliger is beperkt
Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum
________________________________________________________

Platform VG verbaasd over vrijlating busschauffeur

www.platformvg.nl

Gisteren ontstond er grote commotie over een uitspraak van de rechter in Zwolle. Een 58-jarige man is vrijgesproken van ontucht en sex met een minderjarig meisje met een licht verstandelijke beperking. De man ontmoette het meisje tijdens zijn werk als buschauffeur.

Platform VG gaf in een uitzending van Hart van Nederland een reactie in totaal onbegrip. "Het lijkt of mensen met een licht verstandelijke beperking op een goede manier kunnen reageren. Maar ze kunnen niet altijd de situatie inschatten zoals een volwassene dat kan. Daar moet je dan gewoon rekening mee houden", aldus Wim Drooger, directeur van Platform VG.

Zie ook de uitzending van Hart van Nederland, SBS 6, 30 september 2009.
___________________________________________________________

Platform: Bescherm gehandicapte beter

www.refdag.nl


UTRECHT – Mensen met een verstandelijke handicap moeten beter worden beschermd. Mensen die willen gaan werken in de gehandicaptenzorg, moeten beter worden gescreend.

Dat stelt directeur W. Drooger van het Platform Verstandelijk Gehandicapten (VG), dat zeventien belangenorganisaties vertegenwoordigt. Hij reageert daarmee onder andere op de vrijspraak woensdag van een 58-jarige buschauffeur uit Zuidwolde door de rechtbank in Zwolle.

Het openbaar ministerie beschuldigde hem van seksuele gemeenschap met een minderjarig, licht verstandelijk gehandicapt meisje. Het OM eiste drie jaar cel waarvan een jaar voorwaardelijk tegen de man.

De rechtbank oordeelde dat het meisje voldoende wilsbekwaam was om de seksuele gemeenschap met de chauffeur te weigeren. Ook achtte de rechtbank het niet bewezen dat ze tijdens de seksuele contacten jonger dan 16 jaar was. De man vervoerde het meisje enige jaren lang in de lijnbus van Zwolle naar Nieuwleusen.

Het OM gaat tegen het vonnis in hoger beroep. „Wij blijven erbij dat het meisje niet voldoende in staat was te bepalen of zij seks met de verdachte wilde”, aldus een woordvoerster gisteren.

Drooger van het Platform VG stelt dat mensen met een verstandelijke handicap in seksuele relaties altijd in een afhankelijke positie verkeren ten opzichte van personen met normale verstandelijke vermogens. Daarom dringt hij aan op een betere bescherming van deze groep.

Dat pleidooi sluit aan bij de roep binnen het platform om scherpere regels voor professionele en vrijwillige werkers met verstandelijk gehandicapten. Zo wil de koepel het verkrijgen van de Verklaring Omtrent Gedrag moeilijker maken.

Momenteel wordt die verklaring alleen geweigerd als mensen zijn veroordeeld voor een delict op het terrein waarop ze willen werken. Zo krijgt potentieel onderwijspersoneel geen verklaring van goed gedrag als het is veroordeeld wegens kindermishandeling.

Het platform wil ook dat niet-veroordeelden die wel ooit verdacht zijn geweest van seksueel misbruik, mishandeling of oplichting, een verklaring wordt geweigerd als ze werk zoeken in de sector van de verstandelijk gehandicapten. De ministeries van Binnenlandse Zaken en Justitie blijken hiervoor weinig te voelen, zegt Drooger.

De departementen zegden wel toe dat er een digitale versie van de Verklaring Omtrent Gedrag beschikbaar komt die 10 euro goedkoper is dan de huidige.


Het platform opende vorige week dinsdag het Meldpunt seksueel misbruik verstandelijk gehandicapten. Daar kwamen tot gisteren zo’n dertig reacties binnen. Het meldpunt werd geopend naar aanleiding van de zaak van de Bossche zwemleraar Benno L. Hij wordt verdacht van seksueel misbruik van 98 verstandelijk gehandicapte meisjes.

Directeur L. Hubregtse van de reformatorische oudervereniging Helpende Handen wil verder gaan dan het Platform VG. Hij bepleit koppeling van dossiers van mensen die werken met gehandicapten. Daardoor kan het risico op misbruik worden ingedamd.

Ook zouden wat Hubregtse betreft de privécomputers van potentiële werkers in de gehandicaptenzorg moeten worden gescreend op (kinder)porno. Drooger wil niet zo ver gaan, om te voorkomen dat potentiële vrijwilligers worden afgeschrikt.

Nederland telt ruim 400.000 verstandelijk gehandicapten.
__________________________________________________________

21-9-2009

'Barbara is voor de rest van haar leven verkracht'

www.ad.nl

ROTTERDAM - De verstandelijk gehandicapte Barbara uit Rotterdam is in verschillende tehuizen seksueel misbruikt.

Bij seksueel misbruik moeten ouders zich niet laten intimideren door de zorginstellingen.

Eelkje de Jong, moeder

De laatste keer vergreep een medebewoner zich aan haar. Voor ouders Jannes en Eelkje is de maat vol, ze stappen naar de rechter.


,,Ik ben je hoertje niet,'' bijt Barbara medebewoner Frits toe. Barbara is dan 23 jaar, maar heeft de verstandelijke vermogens van een kleuter. Het is begin april 2006 in De Bruggen in Zwammerdam (bij Gouda), een groot tehuis voor verstandelijk gehandicapten. Frits heeft Barbara zojuist geld geboden in ruil voor seks. Het aanbod komt niet uit de lucht vallen. Van oktober 2005 tot april 2006 heeft de eveneens verstandelijk gehandicapte Frits Barbara seksueel misbruikt. Bij het tehuis was bekend dat Frits 'seksueel ontremd' is.

Op het moment dat de ouders horen van het seksueel misbruik van hun dochter, zakt, niet voor het eerst, de bodem onder hun voeten vandaan. Zoon Erik, ook verstandelijk gehandicapt, is een paar jaar eerder slachtoffer geworden van seksueel misbruik in een woongroep in Ommoord. Volgens de ouders is Barbara daar eveneens misbruikt.
,,Dit vreet aan je,'' zegt vader Jannes de Jong. De Rotterdammer en zijn vrouw lopen al jaren bij een psycholoog. ,,Barbara is meerdere keren misbruikt. Binnen en buiten de instellingen.''

Barbara verliet op 12-jarige leeftijd het ouderlijk huis in Rotterdam. Naast haar verstandelijk handicap heeft ze een aangeboren eetstoornis. ,,Als ze zich niet aan een structureel dieet houdt, eet ze zichzelf dood,'' zegt haar vader. De ouders kunnen thuis niet meer zorgen voor Barbara en Erik. ,,We trokken het niet en zochten hulp. We dachten de zorg te delen, maar de hulp van instellingen is voor ons verschrikkelijk geworden.''

Inmiddels woont Barbara in een woongroep in Sliedrecht. Volgens haar vader is ze 'verkracht voor de rest van haar leven'. ,,Het gaat niet goed met haar. Ze volgt therapie om haar hoofd leeg te maken. Ze is angstig, bang en getraumatiseerd. Ze heeft één op één begeleiding nodig.''

De woede van de ouders over het misbruik in De Bruggen richt zich niet eens zozeer op dader en medebewoner Frits. ,,Het is vreselijk maar hij doet het in zijn verwarring en beperking. Het is de instelling die de veiligheid van onze dochter dient te waarborgen.''
Om misbruik te voorkomen zijn vele gesprekken aan haar verhuizing naar Zwammerdam vooraf gegaan. Leidinggevenden waren uitgebreid bijgepraat over het seksueel misbruik in het vorige tehuis. Moeder Eelkje de Jong: ,,We hebben benadrukt dat Barbara kwetsbaar is. Ons is beloofd dat ze daar veilig zou kunnen wonen en werken. Veiligheid stond voor ons op de eerste plaats.''
Zo zou hun dochter samen met andere vrouwen de dagbesteding doorbrengen, maar Barbara was vaak de enige vrouw temidden van mannen. Ook zou op de groep van Barbara een vaste begeleider zitten en dat bleek niet het geval. ,,Ons is door De Bruggen schijnveiligheid geboden.''

De ouders hopen dat de rechtszaak dit najaar verlichting en erkenning zal brengen. Tot dan wil De Bruggen niet in de media reageren op de zaak. Tijdens de zitting zal ook de schadeclaim van 15.000 euro aan bod komen. Maar belangrijker is voor hen dat ruchtbaarheid wordt gegeven aan de zaak. Eelkje de Jong: ,,We zijn geen verbitterde mensen, want er gebeuren veel goede dingen in de zorg. De begeleiders op de vloer werken keihard. We willen de excessen aankaarten. Bij seksueel misbruik moeten ouders zich niet laten intimideren door de zorginstellingen. Ze moeten strijden voor betere hulp en nazorg, zowel voor slachtoffers als de ouders. Barbara heeft levenslang en wij ook.''

De namen van Barbara en Frits zijn omwille van privacyredenen gefingeerd. (DAAN HAKKENBERG)
______________________________________________________

19-9-2009

Australische excuses om misbruik kinderen

www.telegraaf.nl

SYDNEY - De autoriteiten in de Australische staat Nieuw-Zuid-Wales hebben zaterdag officieel excuses gemaakt aan de honderdduizenden kinderen die in de periode 1930-1970 zijn misbruikt in kindertehuizen. Ze werden meestal slecht behandeld en vaak fysiek of zelfs seksueel misbruikt in de staatsinstellingen.

„Dit had nooit mogen gebeuren”, zei premier Nathan Rees van Nieuw-Zuid-Wales tijdens een ceremonie in Sydney, waarbij ook een monument werd onthuld voor de gedupeerden.

Circa 500.000 mensen groeiden tussen 1930 en 1970 op in weeshuizen en bij pleeggezinnen verspreid over Australië. De helft kwam terecht in Nieuw-Zuid-Wales. Het ging vooral om kinderen uit arme gezinnen die vanuit Groot-Brittannië naar Australië waren gebracht in een poging om de bevolking van de kolonie uit te breiden.

David Hill, een van de kinderen die ooit vanuit Groot-Brittannië de reis naar Down Under maakte, memoreerde op de publieke radio dat sommige kinderen vier jaar oud waren toen ze hun ouderlijk huis gedwongen verlieten. „Voor veel kinderen was het een verschrikkelijke ervaring”, aldus Hill.

„Jongens en meisjes die met hun hoofd in toiletten werden geduwd als straf voor het in bed plassen, meisjes die zich herinneren hoe ze op hun vijfde voor het eerst seksueel werden misbruikt, kleine kinderen die met de zweep geslagen werden, die hun hele jeugd in angst leefden.”

Hill zei dat, in tegenstelling tot wat veel Australiërs denken, de meeste kinderen geen wezen waren. Volgens hem ging het juist vaak om leden van Britse straatarme gezinnen. De ouders hoopten dat hun kinderen in het verre Australië een betere toekomst zou wachten.
___________________________________________________________

2-9-2009

Psychiatrische patiënt is vaak slachtoffer van geweld

www.psy.nl

Er moet op korte termijn gedegen onderzoek komen naar geweld tegen psychiatrische patiënten. NWO stelt hiervoor in eerste instantie 1 miljoen euro beschikbaar. Buitenlands onderzoek laat zien dat psychiatrische patiënten vaak slachtoffer zijn van geweld.

Op donderdag 3 september organiseert NWO een startbijeenkomst voor het programma ‘Geweld tegen psychiatrische patiënten’. Doel is het probleem in kaart te brengen en precies na te gaan hoe vaak patiënten te maken krijgen met geweld. Tot 3 november kunnen onderzoeksvoorstellen worden ingediend bij NWO. In een later stadium stelt NWO meer geld beschikbaar om te achterhalen welke patiënten de grootste risico’s lopen en welke interventies geweld kunnen voorkomen.

Veel slachtoffers
Uit een vooronderzoek, waarvoor onder andere buitenlandse studies zijn geïnventariseerd, komt naar voren dat psychiatrische patiënten veel vaker het slachtoffer worden van geweld dan mensen die geen psychiatrische achtergrond hebben. Landelijk geeft vijf procent van de bevolking aan in het voorgaande jaar slachtoffer te zijn geweest van geweld. De Nederlandse voorstudie komt voor psychiatrische patiënten op percentages variërend van acht tot twintig procent, terwijl de percentages in buitenlandse onderzoeken vaak veel hoger uitkomen, variërend van zestien tot zestig procent. De onderzoeken zijn overigens moeilijk met elkaar te vergelijken. Alleen al de definitie van het begrip geweld kan enorm variëren.

Vaker slachtoffer dan dader
‘Dat psychiatrische patiënten veel vaker slachtoffer zijn dan dat ze dader zijn, vond ik het meest opvallende dat uit het vooronderzoek naar voren kwam’, zegt hoogleraar openbare geestelijke gezondheidszorg Niels Mulder. Hij was samen met Jaap van Weeghel, hoofd Kenniscentrum rehabilitatie, leider van dit vooronderzoek. ‘Het heersende beeld is juist het omgekeerde: dat psychiatrische patiënten geweld plegen. Voor dat aspect is doorgaans ook veel meer aandacht.’

Niet zomaar te vergelijken
Mulder weet niet waarom in Nederland tot nu toe zo weinig aandacht is geweest voor geweld tegen de psychiatrische patiënt. Maar de resultaten van buitenlands onderzoek op de Nederlandse situatie loslaten volstaat niet, vindt hij. ‘In de VS heeft een onderzoeker als Linda Teplin goed werk verricht, maar de VS zijn toch anders. Je hebt daar bijvoorbeeld veel meer mensen die niet zijn verzekerd en die daardoor ook geen zorg krijgen. Hier speelt dat probleem minder. De verschillen tussen zorginstellingen zijn hier kleiner, terwijl in de VS grotere kwalitatieve verschillen bestaan tussen klinieken, waardoor daar ook eerder sprake is van excessen in klinieken. Ik verwacht dan ook dat het probleem van het excessieve geweld in Nederland minder groot is.’

Risicogroepen
De buitenlandse onderzoeken hebben intussen wel waardevolle gegevens opgeleverd, meent Mulder. Op basis van die onderzoeken lijken verslaafden, daklozen en mensen met een nog niet behandelde psychose de grootste risico’s te lopen slachtoffer te worden van geweld. Ook volwassenen met adhd lopen een groter risico, al was het alleen maar doordat zij geneigd zijn gevaarlijke situaties op te zoeken.
In de internationale literatuur worden wel interventies voorgesteld om het risico op geweld te verkleinen, maar de werking van die interventies is nog nergens aangetoond. Voorbeelden zijn ggz-instellingen die systematisch het risico op slachtofferschap gaan inschatten, patiënten zorgvuldig screenen op ptss, daklozen aan veilige woningen helpen, en patiënten beter leren omgaan met conflicten. (SvD)
___________________________________________________________

15-8-2009

'Nu besef ik het pas: het was misbruik'

Liefde of misbruik?

www.telegraaf.nl

Eva Bahlman
AMSTERDAM - Merel van Groningen* is eind dertig, getrouwd met een lieve man en moeder van twee kinderen. Maar de littekens uit haar jeugd zal ze nooit kwijtraken. Als puber kwam ze in de macht van een loverboy en vervolgens werd ze misbruikt door een hulpverlener. In haar boek In mijn onschuld probeert ze die ervaringen van zich af te schrijven.


“Op mijn veertiende kwam ik voor het eerst in een internaat terecht. Thuis ging het slecht. Nadat mijn ouders waren gescheiden, werd ik ontzettend lastig. Op school deed ik niks en ik liep diverse keren van huis weg. Het internaat leek mijn ouders een goede oplossing. Het ging ook een poos goed, totdat ik in contact kwam met iemand die tegenwoordig een loverboy genoemd zou worden. Piet, mijn mentor op het internaat, wist ervan en wilde mij tegen hem beschermen. Op een dag ging het mis: de loverboy, laat ik hem Mike noemen, haalde me met veel geweld uit het internaat. Piet werd zelfs door hem met een pistool bedreigd! Ik ging met Mike mee, maar beging daarmee een vreselijke vergissing. Om geld te verdienen, liet hij me namelijk in de gedwongen prostitutie werken.

Het was een verschrikkelijke tijd, waaraan ik niet graag terugdenk. Gelukkig wist ik te ontsnappen en mocht ik terugkomen op het internaat. Die periode heb ik als heel positief ervaren. Ik had het er enorm naar mijn zin, voelde me er veilig, kon echt mezelf zijn. De groep was leuk en ik had een aantal goede vrienden. Ook met de groepsleiders kon ik het prima vinden. Piet was intussen mijn mentor niet meer, maar met hem had ik nog steeds de beste band. Hoewel iedereen dol op hem was, zowel de meiden als de jongens, had ik het gevoel dat ik met hem iets speciaals had. We hadden veel meegemaakt samen en hij was er altijd voor me geweest. Piet was ook zichtbaar blij dat ik terug was. Als hij dienst had, maakte hij me altijd wakker met een kop koffie op bed. Dat deed hij bij niemand anders.

Slaapfeestje

’s Nachts had ik het soms moeilijk. In de stilte van het gebouw kwamen de muren op me af. Alle nare herinneringen van de maanden ervoor drongen zich in bed aan me op. Ik begon dan te trillen en te zweten en was heel onrustig. Piet wist ervan, probeerde me zo goed mogelijk gerust te stellen. De eerste keer dat ik me bewust was van andersoortige gevoelens was tijdens een soort ‘slaapfeestje’. We sliepen met de hele groep op matrassen in de woonkamer en maakten er echt een feestje van. Die nacht lag Piet met zijn matras naast me. Midden in de nacht, toen de rest sliep, merkte hij dat ik weer de slaap niet kon vatten. Hij kwam bij me liggen. Met zijn stevige armen om me heen voelde ik de onrust wegzakken en zo viel ik in slaap. Ik voelde me veilig bij hem.

In de weken die volgden, zocht ik hem steeds vaker ’s nachts op. Dat begon vrij onschuldig, ik zocht er niets achter. Wel merkte ik dat ik er steeds meer waarde aan ging hechten en kriebels in mijn buik kreeg als we daar zo samen in zijn eenpersoonsbed lagen. Blijkbaar was dat wederzijds, want langzamerhand ging het verder. Ik sliep voortaan bij hem als hij dienst had. Dat ging maanden zo door. Ik was tot over mijn oren verliefd en het was een echte relatie, waar alleen mijn beste vriend van op de hoogte was. Ik logeerde zelfs bij hem thuis, als zijn vriendin een weekendje weg was. Nee, tegenover haar voelde ik me niet schuldig. Piet vertelde dat ze een open relatie hadden en dat zij van mij afwist. Toen tijdens een gesprek met haar bleek dat zij helemaal niets wist van onze relatie, escaleerde de boel. Hij moest kiezen...

Wil je weten hoe dit afloopt? Lees dan verder in VROUW Magazine nummer 34.

__• Geschat wordt dat 8% van alle vrouwen weleens seksueel is misbruikt of lastiggevallen door een hulpverlener. Dit kan een vertrouwenspersoon, docent, geestelijke, therapeut of iemand uit de jeugdzorg, sport of onderwijs zijn.

• Bij grensoverschrijdend gedrag gaat het in praktisch alle gevallen om machtsmisbruik. Omdat er een groot verschil in macht bestaat tussen de hulpverlener en de pupil/cliënt/patiënt, is er sprake van een afhankelijkheidsrelatie.

• Gemiddeld 10% van de hulpverleners heeft weleens een seksuele relatie gehad met een cliënt.

• In 80% van de gevallen ging het initiatief uit van de hulpverlener.

• Zelfs als het andersom zou zijn, gaat de hulpverlener in de fout. Die maakt namelijk misbruik van zijn positie en macht. De hulpzoekende beseft helaas vaak pas jaren later dat het feitelijk om misbruik ging. Bron: www.misbruikdoorhulpverleners.nl
__________________________________________________________

5-8-2009

Emergis krijgt voldoende maar moet veel veranderen

www.psy.nl

Emergis scoort een voldoende. Maar er moet wel het nodige in de zorg en organisatie veranderen. Dat is de belangrijkste conclusie van de onderzoeken die de organisatie liet uitvoeren. ‘Ik ben blij dat we een voldoende hebben gekregen’, zegt bestuursvoorzitter Leen van Leersum. ‘Maar tevreden? Nee, dat ben ik niet.’

De onderzoeken naar de cultuur en structuur van de Zeeuwse organisatie werden de afgelopen maanden uitgevoerd door psychiater Ruud van Beest, voorheen directeur bij de Parnassiagroep, en PriceWaterhouseCoopers. De reden? Berichten in de media over grensoverschrijdend gedrag binnen Emergis. Zo gingen drie medewerkers een relatie aan met een patiënt en hadden nog eens drie medewerkers ongeoorloofd dossiers ingezien. Ook het oordeel van de Inspectie voor de Gezondheidszorg dat verslaafde schizofrene patiënten bij de organisatie een ‘zeer hoog risico op onverantwoorde zorg’ lopen, speelde een grote rol.

Gedragscode
‘Grensoverschrijdend gedrag komt bij Emergis niet vaker voor dan elders’, schrijft Van Beest in zijn rapport. Ook heeft hij geen structurele tekortkomingen of zorgelijke aantallen incidenten of suïcides geconstateerd. Wel blijkt er onduidelijkheid te zijn over persoonlijke, niet seksuele, relaties tussen medewerkers en cliënten. De psychiater raadt een eigen gedragscode aan waarin seksuele en persoonlijke relaties en misbruik van cliëntgegevens verboden worden.
Volgens Van Leersum is de aanbeveling meteen opgepakt: ‘De conceptgedragscode wordt uiterlijk 10 oktober aangeleverd en op 1 januari 2010 ingevoerd. Deze zal scherper gedefinieerd worden zodat het voor hulpverleners en cliënten duidelijk is wat kan, wat niet en wat de sancties zijn.’

Behandelplannen
Ook het aantal behandelplannen bij Emergis is volgens Van Beest onder de maat. In zijn rapport gebruikt hij het woord zorgelijk. ‘Daar ben ik erg van geschrokken’, zegt de bestuursvoorzitter. ‘We hebben afgesproken dat op 1 oktober 2009 minstens 95 procent van de patiënten zes weken na de start van de behandelfase over een behandelplan beschikt. Ook moet de registratie op orde zijn. Of dat lukt? Dat moet!’

Betere beoordeling
Op 14 oktober komt de Inspectie voor de Gezondheidszorg opnieuw bij Emergis langs om te oordelen hoe de organisatie presteert in de zorg aan verslaafde schizofrene patiënten. Van Leersum: ‘Natuurlijk namen we het oordeel serieus, hoe hard het ook aankwam. Maar ik weet dat we deze keer een betere beoordeling krijgen. Het verbeterplan dat wij op 14 april 2009 hebben vastgesteld, wordt goed uitgevoerd. Zo werken we hard aan deskundigheidsbevordering, hebben we een extra psychiater aangetrokken en een familievertrouwenspersoon aangesteld. Nee, hier maak ik me geen zorgen over. Natuurlijk, het kan altijd beter, maar we zijn goed op weg.’

Geen open sfeer
In het rapport van PriceWaterhouseCoopers is te lezen dat Emergis-medewerkers enthousiast zijn en hard werken. Maar het adviesbureau noemt ook hier een aantal verbeterpunten. Zo zou het personeel niet altijd openstaan voor kritiek van collega’s, waardoor er geen open sfeer is. Daar komt bij dat nieuwe medewerkers snel ‘verdwijnen’, omdat hun frisse blik niet gewaardeerd wordt. Bovendien is Emergis geen geliefde plaats voor hbo-studenten, omdat zij op sommige afdelingen nauwelijks begeleiding krijgen. De onderzoekers van PricewaterhouseCoopers raden jobrotation aan, zodat medewerkers van verschillende afdelingen tijdelijk wisselen van werkplek en zo de frisse blik terug krijgen.

Niet enthousiast
Van Leersum is enthousiast over jobrotation. De Emergis-medewerkers denken daar anders over. In het rapport van PriceWaterhouseCoopers is te lezen dat zij niet enthousiast hebben gereageerd op het idee. De bestuursvoorzitter: ‘We vragen momenteel veel van het personeel en dus vind ik niet dat we deze maatregel zo maar kunnen doorvoeren. Maar we houden het zeker in gedachte. Een oplossing moet er namelijk komen. Nieuwe mensen aannemen, is geen optie. We hebben momenteel een personeelsstop.’

Een forse opgave
De personeelsstop komt voort uit de bezuinigingen die de organisatie moet realiseren. ‘Door het onjuist en onvolledig registeren van ons werk, hebben we momenteel financiële tekorten’, zegt Van Leersum. ‘Daar komt de tariefskorting van 3,5 procent die de minister van VWS de ggz heeft opgelegd nog eens bij.’
De bestuursvoorzitter heeft vertrouwen in de toekomst, maar realiseert zich maar al te goed dat de lijst met maatregelen die genomen moeten worden, lang is. ‘En de bezuinigingen maken het er niet makkelijker op. Een plan van aanpak gereed is voor de integrale uitvoering van de aanbevelingen van de onderzoekers.
__________________________________________________________

8-3-2009

website: www.ijsselmeeuwen.nl
Protocol GOG
NOC*NSF - PROTOCOL GOG

Uit onderzoek naar ongewenst gedrag binnen verenigingen bleek dat zij, geconfronteerd met een melding of gerucht van ontucht, de neiging hebben om:

1 Het slachtoffer niet te geloven.
2 Het slachtoffer te ontmoedigen er werk van te maken.
3 Zich vooral zorgen te maken over het schandaal dat zou kunnen ontstaan bij inschakelen van de politie.
4 Te geloven dat het beter is om de zaak intern af te handelen.
5 Mensen binnen de club te ontslaan of te straffen die misbruik door collega's melden.

Bij De IJsselmeeuwen willen wij voorkomen dat dit gebeurt. Onze vereniging wil voor iedereen veilig en plezierig zijn. We hebben een aantal maatregelen getroffen die daartoe bijdragen.

Deze informatie is niet in onze brochure opgenomen, maar u kunt het vinden op onze website NOC*NSFonder de tab: Ons beleid bij grensoverschrijdend gedrag.
3 We geven informatie wat je kunt doen als je denkt dat er sprake is van grensoverschrijdend gedrag. Je vindt onder de tab: Waar kun je terecht als je denkt aan grensoverschrijdend gedrag? een korte uitleg van wat we als vereniging doen als iemand bij ons een melding doet.
4 Wij hebben Gedragsregels ter preventie van seksuele intimidatie. Al onze kaderleden hebben die en moeten zich daar aan houden. Ook deze informatie kun je vinden op onze website onder de tab: Gedragsregels ter preventie van seksuele intimidatie

Als u/je niet over internet beschikt kunt u de informatie waar we hierboven naar verwijzen, opvragen bij het secretariaat.
_________________________________________________________

24-7-2009

Emergis en RGC Zeeuws-Vlaanderen nemen maatregelen voor verbetering zorg en financiële situatie

www.emergis.nl

Emergis en RGC Zeeuws-Vlaanderen nemen met onmiddellijke ingang maatregelen om de kwaliteit van de zorg en de financiële situatie van de instelling te verbeteren. De maatregelen zijn een reactie op twee onderzoeken naar de cultuur en structuur van de organisatie, en op de tariefskorting die de minister van VWS per 1 januari 2010 aan de geestelijke gezondheidszorg oplegt. Bovendien sprak de Inspectie voor de Gezondheidszorg onlangs een weinig positief oordeel uit over de behandeling van mensen met schizofrenie en verslavingsproblemen.

Een voldoende
De twee onderzoeken zijn de afgelopen maanden uitgevoerd door psychiater Ruud van Beest en PriceWaterhouseCoopers. Berichten over grensoverschrijdend gedrag binnen Emergis en RGC Zeeuws-Vlaanderen vormden de directe aanleiding. Ook de Zeeuwse media hebben hierover uitgebreid bericht.
De onderzoekers geven in hun op 15 juli gepresenteerde rapporten zowel Emergis als RGC Zeeuws-Vlaanderen een voldoende. Zij hebben geen structurele tekortkomingen geconstateerd, en ook geen zorgelijke aantallen incidenten, suïcides of grensoverschrijdingen. De onderzoekers noemen als pluspunten het enthousiaste en harde werken van de medewerkers, en de verschillende initiatieven die van de grond komen.

Verbeteringen noodzakelijk
Toch blijken er veel zaken voor verbetering vatbaar te zijn. De directeuren en de raad van bestuur hebben besloten enkele aanbevelingen meteen in maatregelen om te zetten. De andere komen later aan de orde.
De maatregelen betreffen ook de bestrijding van de financiële tekorten, die onder meer zijn ontstaan door het onjuist en onvolledig registreren van de behandeling van cliënten en patiënten. Ingrijpen op dit gebied is zeker nodig in het licht van de aangekondigde bezuiniging.

De maatregelen
In eerste instantie is het volgende afgesproken:

Op 1 oktober 2009 beschikt minstens 95 procent van de patiënten zes weken na de start van de behandelfase over een (geactualiseerd) behandelplan.
Het plan om de zorg voor schizofrene patiënten met middelenafhankelijkheid te verbeteren, wordt voortvarend uitgevoerd. Op 14 oktober komt de Inspectie voor de Gezondheidszorg poolshoogte nemen.
Er komt een gedragscode voor de medewerkers die op 1 januari 2010 wordt ingevoerd.
Een projectgroep gaat ervoor zorgen dat tussen 1 januari 2010 en 1 januari 2011 de zorgprogramma's worden ingevoerd, compleet met effectmetingen, financiële effecten en gebruikmakend van het EPD.
Gelet op de financiële situatie zijn uitsluitend uitgaven toegestaan die strikt noodzakelijk zijn voor de continuïteit van de zorg en de noodzakelijke verbeteringen van de huisvesting.
Ook in de sectoren ouderenzorg/langdurige zorg en wonen wordt een directeur/psychiater benoemd. Daarnaast treedt op 1 november 2009 psychiater Rick Mentjox aan als lid van de raad van bestuur.
Integrale aanpak
Met de Inspectie voor de Gezondheidszorg is afgesproken dat er op 1 oktober 2009 een plan van aanpak gereed is voor de integrale uitvoering van de aanbevelingen van de onderzoekers.
_______________________________________________________

3-3-2009

www.advocateweb.org

HopeTalk Telephonic Support Group

For many in our community, exploitation by a trusted helping professional results in silence and isolation.
While AdvocateWeb's online forums are a lifeline to many, some prefer a friendly voice of support and a safe environment to tell their stories and discuss issues they are working to overcome.
The goals of the group are to empower members and encourage them to network and support each other through their healing process.
The group will meet once a week for 90 minutes every Thursday from 3:30 p.m. to 5:00 p.m. Eastern Time beginning March 12, 2009.

The group is limited to 10 members. Early registration is encouraged.

REGISTER
There is a $10 per week administrative fee payable online through PayPal. Please enter "Support Group" in the space provided for "Message" when making payment. Once notice of payment is received, a call-in number and access code will be provided.
________________________________________________________

5-2-2009

www.advocateweb.org

advocateweb heeft weer een forum!

graag wil ik jullie aandacht vestigen op deze website.
Het is een website bedoeld voor slachtoffers van GOG door hulpverleners en is Engelstalig.
Sinds kort hebben ze ook weer een forum en ik heb het eens bezocht.
Persoonlijk ervaar ik dat forum als heel waardevol, want er wordt heel openlijk geschreven over persoonlijke ervaringen en gevoelens die slachtoffers tegenkomen in hun verwerking. Er is ook veel onderlinge support.
Het verbaast me dat men in Nederland nog steeds zo gesloten is en er niet over lijkt te durven/willen praten. Dat blijkt ook weer uit dit forum, waar men het achterste van z'n tong niet laat zien. Het KAN wel en het levert ook zoveel op. Je kunt zoveel aan elkaar hebben en elkaar in dingen herkennen en bemoedigen.

Kijk maar eens op het forum van advocateweb. De link staat hierboven. Registreren gaat heel eenvoudig en als je niet al te veel moeite met Engels hebt kun je er heel veel aan hebben!
Ik merk zelfs dat sommige dingen gemakkelijker in het Engels te verwoorden zijn dan in het Nederlands, dus het kan ook wat drempels wegnemen.
Wat ook bijzonder is, is dat je een gevoel van gemeenschappelijkheid krijgt. Het is een wereldwijd probleem en niet beperkt tot Nederland. Lotgenoten zijn te vinden in alle delen van de wereld!

In Amerika zijn ze trouwens al veel verder met de hulpverlening aan slachtoffers. Zo biedt advocateweb ook gespecialiseerde therapeuten aan en groepsbijeenkomsten.
Wat kunnen we nog veel van hen leren!

__________________________________________________________

1-2-2009

De Rutger-Nisso groep:
www.rng.nl/

Seksueel geweld en seksuele intimidatie

Seksualiteit verrijkt het leven wanneer het vorm krijgt in vrijheid en respect tussen de betrokkenen. Wanneer hierin grenzen worden overschreden kan dat ernstige negatieve gevolgen hebben voor de (geestelijke) gezondheid. Daarnaast lopen slachtoffers in hun latere leven grotere kans op revictimizatie, en ontwikkelen mannelijke slachtoffers zich relatief vaak tot daders.

De preventie en bestrijding van seksueel geweld is dus om twee redenen noodzakelijk: om het aantal slachtoffers te reduceren in het belang van de volksgezondheid, en om te voorkomen dat slachtoffers zich tot daders ontwikkelen dan wel opnieuw slachtoffer worden.

Het programma Seksueel geweld en seksuele intimidatie doet onderzoek en ontwikkelt activiteiten met betrekking tot zowel slachtoffers als daders. Het belangrijkste doel is preventie, op verschillende niveaus:

Primaire preventie: het voorkómen van seksueel geweld. Dit betreft voorlichting en het bevorderen van de weerbaarheid en de emancipatie van kwetsbare groepen, zoals lichamelijk en verstandelijk gehandicapten, kinderen, jongeren en allochtonen. Daarbij gaat het nadrukkelijk ook om mannelijke slachtoffers.

Secundaire preventie: gericht op het verminderen van de effecten van seksueel geweld. Het tijdig signaleren en bespreekbaar maken zijn hier van belang.
Dit geldt voor slachtoffers als het gaat om het herkennen van seksueel geweld en het in vertrouwen (kunnen) nemen van ouders, leerkrachten of hulpverleners, en voor professionals voor wat betreft het verkrijgen van inzicht in de context van seksueel geweld en het kunnen herkennen van signalen.
Daarnaast evalueert de Rutgers Nisso Groep de effecten van behandelprogramma’s voor slachtoffers.

Tertiaire preventie: het voorkomen van herhaling, vooral gericht op daders. Taakstraffen en (terugval)preventieprogramma’s voor verschillende groepen daders is een belangrijk onderdeel van het programma.

Programmahoofd: Willy van Berlo


Voorbeelden van projecten binnen dit programma:

Digitale hulp jeugdige slachtoffers van seksueel geweld

Vanaf september 2007 kunnen jongeren tussen 14 en 18 jaar die (eenmalig) slachtoffer zijn van seksueel geweld en daar psychische klachten van ondervinden, online therapie volgen.
Deze behandelmethode is ontwikkeld door de Rutgers Nisso Groep in samenwerking met Interapy. Voor jongeren is een online behandeling toegankelijk en laagdrempelig, en bovendien is de hulpverlening voor hen gratis.
De jongeren worden eerst uitgebreid gescreend op geschiktheid.
Als digitale behandeling niet verantwoord lijkt, wordt andere passende hulp gezocht.

De eerste behandelingen hebben het karakter van een pilot, maar voldoen aan alle zorgvuldigheidscriteria die aan een dergelijke behandelvorm worden gesteld.
In de loop van 2008 wordt uitgebreid onderzoek gedaan naar de effecten van de behandeling om deze te kunnen optimaliseren.

Projectmedewerker: Annelies Kuyper

Verbetertraject Preventie seksueel misbruik

Ongewenste intimiteiten en seksueel misbruik komen overal in onze samenleving voor. Ook mensen die gebruik maken van de gehandicaptenzorg, thuiszorg of ouderenzorg hebben er mee te maken.
De Rutgers Nisso Groep is een van de organisaties die nauw betrokken is bij het zogeheten verbetertraject Preventie seksueel misbruik.

Dit traject is één van de verbetertrajecten die in verband met Zorg voor Beter worden uitgevoerd. Het programma Zorg voor Beter geeft de komende jaren een extra kwaliteitsimpuls aan de thuiszorg, ouderenzorg en gehandicaptenzorg.

Dit gebeurt op initiatief van het ministerie van VWS, in samenspraak met de brancheorganisaties, beroepsverenigingen en cliëntenorganisaties.

Projectmedewerker: Annelies Kuyper
___________________________________________________________

12-10-2008 pvp
Voor het gehele artikel zie:

www.pvp.nl PVP-krant

“Ik ben bang dat de psychiater boos op me wordt”

Klagen over bejegening

De behandelrelatie tussen cliënt en hulpverlener kenmerkt
zich door wederzijds vertrouwen en respect.
Maar wat nu als de cliënt ervaart dat het vertrouwen
en het respect er niet zijn? Wat nu als de cliënt
hierover een klacht indient, heeft dat invloed op de
behandelrelatie? En wat verstaan hulpverleners eigenlijk
onder goede bejegening?

Bang voor de dokter

“Ik ben niet tevreden over mijn dokter,” zo begint
een cliënte haar verhaal tegen mij. “Hij luistert niet
als ik wat zeg en neemt me niet serieus. Ik voel me
als een klein kind behandeld.” Ik zeg haar dat dat
me nogal vervelend lijkt voor haar en vraag wat ze
hiermee wil doen. “Niks, ik wilde het alleen even vertellen.”
Waarom wil ze hier niks mee doen? “Ik ben
bang dat hij boos op me wordt en me dan niet meer
wil helpen,” is haar antwoord. Ik leg haar uit dat ik
haar angst begrijp, maar dat ik niet denk dat de behandelaar
zo gaat reageren.
Toch blijft mijn cliënte bang voor de reactie van haar behandelaar. Een driegesprek,waarbij we samen met de arts gaan praten,lijkt haar niets en ze wil al helemaal geen officiële klacht indienen.
Ze maakt zich zorgen dat de dokter zich aangevallen voelt en dat hij haar niet meer wil helpen.

Bovenstaande situatie komt regelmatig voor in de
praktijk.
Cliënten die klachten hebben over de bejegening door hulpverleners, durven regelmatig niet‘verder te gaan’ met hun klacht. Ze zijn bang voor eventuele gevolgen. Een angst die heel begrijpelijk is, maar die, als je zuiver naar de wet kijkt, ongegrond lijkt.
In de wet staat immers dat er sprake moet zijn van ‘goed hulpverlenerschap’ (art. 7:453 BW).

In het kader van goed hulpverlenerschap moeten hulpverleners open staan voor vragen en klachten
van cliënten en deze vragen en klachten ook serieus nemen. Het feit dat een cliënt een klacht heeft mag nooit tegen de desbetreffende cliënt gebruikt worden.
Toch neemt deze wettelijke ruggensteun de angst van cliënten niet altijd weg. Voor veel cliënten is het namelijk nog steeds eng om te klagen over een hulpverlener, zeker als het om bejegening gaat.

Psychiater op emotionele afstand

Hoe denken hulpverleners over bejegening
en klachten daarover?
De heer Schultz, psychiater van GGz Rijnstreek, geeft toe dat inhoud geven aan het begrip ‘bejegening’ niet gemakkelijk is. “Het is heel variabel. Ik weet het niet precies maar in principe betekent het dat je respect hebt voor elkaar, dat je als hulpverlener serieus met klachten
omgaat en een zekere (emotionele)distantie houdt tussen de
cliënt en jezelf.
Als psychiater heb ik verschillende rollen. Ik kijk naar hoe de patiënt het contact met mij probeert te ‘kleuren’ en sluit daar dan bij aan. Maar wel op een zodanige manier dat ik niet over mijn eigen grenzen heen ga.
Het is echter ook afhankelijk van de situatie waarin een patiënt zich bevindt.
Wanneer iemand bijvoorbeeld in de separeer zit, ben ik in de omgang formeler.” Het contact tussen psychiater en cliënt is dan puur behandelingsgericht met als doel om de cliënt zo snel mogelijk uit de separeer te krijgen. Dat vraagt vaak een wat formele houding.
Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld maandelijkse afspraken met cliënten, waar ook ruimte is voor persoonlijke aspecten.

Klachten pragmatisch benaderen

Klachten over bejegening benadert de heer Schultz
open en pragmatisch.
“Mijn eerste reactie is: ‘waarom ben je niet eerder naar me toe gekomen?’ Maar kennelijk ervaren de patiënten een grote afstand tussen de psychiater en henzelf. Ik vind dat je in dit soort situaties open moet staan voor elkaar. Je moet ruimte geven aan elkaar voor het uiten van je gevoelens. Dit geldt voor zowel de psychiater als de patiënt.
Mijn inzet bij bejegeningsklachten is om te proberen de
behandelrelatie weer vlot te trekken. Wat moet er
gebeuren zodat patiënt en ik weer door één deur
kunnen met elkaar? Helaas lukt dit niet altijd en
moeten we dus zoeken naar een andere oplossing.
Ik probeer een behandelrelatie wel altijd goed te beeindigen in een dergelijke situatie door de patiënt
bijvoorbeeld te helpen met het zoeken naar een andere psychiater.”

De angst die sommige cliënten hebben voor het indienen van bejegeningsklachten vindt de heer Schultz begrijpelijk. “Ik hoop dat ze dan bijvoorbeeld naar de pvp stappen om daarbij ondersteuning te vragen. Verder hebben hulpverleners ook een rol in de procedure om klachten bespreekbaar te maken.
In mijn opleiding tot psychiater is dit ook aan bod
gekomen. Klachten zijn nu eenmaal een onderdeel van ons beroep en je moet daar ruimdenkend mee omgaan.
Je moet het niet te persoonlijk opvatten; probeer er professioneel mee om te gaan. Dat houdt dus ook in dat je je fouten toegeeft wanneer het een terechte klacht is.”

Klachtencommissie kijkt naar wet

Ondanks dat mensen het vaak moeilijk vinden om aandacht
te vragen voor hun klachten, blijkt uit de cijfers dat een flink aantal cliënten er toch werk van maakt.
Een cliënt kan bijvoorbeeld besluiten om, wanneer
hij of zij er met de desbetreffende hulpverlener niet
uitkomt, een officiële klacht in te dienen bij de (onafhankelijke)klachtencommissie van de GGZ-instelling
waar hij of zij in behandeling is.
De afgelopen anderhalf jaar ging iets meer dan een kwart van de klachten die behandeld werden door een
klachtencommissie over bejegening. Een kwart hiervan werd
gegrond verklaard. Dit blijkt uit de cijfers van Stichting
PVP'.

Hoewel veel cliënten aangeven moeite te hebben met het indienen van klachten over bejegening, blijkt uit de cijfers dat ze er vrij vaak toch wel voor kiezen om een klacht door te zetten.

En dan ligt een bejegeningsklacht bij de klachtencommisse.
Hoe gaat die te werk bij dit soort klachten?

Mevrouw Bovens, voorzitter van de klachtencommissie van Rivierduinen, vertelt dat er bij de behandeling van bejegeningsklachten in de eerste plaats wordt gekeken naar het wettelijke kader.
Wanneer het Bopz-cliënten betreft kijkt de klachtencommissie naast de Bopz ook naar wat er in de Wgbo staat.
Mevrouw Bovens: “Die laatste bevat namelijk de zorgvuldigheidseisen waaraan de hulpverlening in Nederland moet voldoen.” Deze zorgvuldigheidseisen bestaan uit de
rechten die cliënten hebben wanneer zij aangewezen zijn op hulpverlening.
Denk bijvoorbeeld aan het recht op informatie, het recht op dossierinzage of het toestemmingsvereiste.

Maar er komt uiteraard meer bij kijken.
Er wordt ook gekeken naar de algemene rechtsbeginselen, zoals het principe dat mensen hun eigen verantwoordelijkheid moeten en kunnen nemen waar dat mogelijk is en dat je mensen in hun waarde moet laten.
“Bij bejegeningsklachten gaat het vooral om communicatie en de algemene omgangsregels. Denk bijvoorbeeld aan het nakomen van gemaakte afspraken,” aldus de voorzitter.

Is klagen zinvol?
Is de angst van cliënten nu gegrond? Hebben bejegeningsklachten echt een negatieve invloed op de behandelrelatie?

In ieder geval mogen cliënten ervan uitgaan dat wanneer ze besluiten om werk te maken van bejegeningsklachten, er zorgvuldig mee wordt omgegaan, zowel door hulpverleners als door de klachtencommissie.
Dit blijkt niet alleen uit de verhalen van de heer Schultz en mevrouw Bovens, maar ook uit wat er in de wet staat.
Op de vraag over de invloed van bejegeningsklachten op de behandelrelatie kan geen eenduidig antwoord gegeven worden.
De behandelrelatie is immers een verband tussen
twee mensen met elk hun eigen emoties. Deze emoties kunnen het contact en de beleving daarvan onbewust kleuren.

Hoe is het nu met mijn cliënte?

Ze heeft nooit wat gedaan met haar klacht. Ze was te bang voor eventuele consequenties voor de behandelrelatie. Sinds dat eerste gesprek komt ze wel regelmatig bij me langs, gewoon om even haar verhaal te doen.
SJ
__________________________________________________________

Op website www.netwerk.nl meer over deze tekst/uizending 26/9

Seksueel misbruik in de Rooms Katholieke Kerk

Seksueel misbruik door priesters en monniken. Hoe vaak het gebeurt, weet niemand. Na schandalen met pedofiele priesters in Amerika, Ierland en Duitsland is wereldwijd grote ophef ontstaan over dit onderwerp. Maar hoe is de situatie in Nederland? Netwerk ging op onderzoek uit en praat met slachtoffers, daders en therapeuten.

Een wereldwijd probleem
De afgelopen jaren is er veel te doen geweest over seksueel misbruik binnen de Rooms Katholieke Kerk. Vooral in de Verenigde Staten en Ierland. Hier kwam aan het licht dat seksueel misbruik al decennia lang op grote schaal voorkwam en dat hoge functionarissen binnen de kerk dit al die tijd verdoezeld hebben. Priesters ontliepen vervolging doordat ze steeds werden overgeplaatst. Twee weken geleden werd bekend dat in Duitsland een reeds veroordeelde priester weer aan het werk ging en hierbij opnieuw tegen de lamp liep.

Schikkingen
Hoewel veel misbruikzaken inmiddels verjaard zijn, heeft de Rooms Katholieke Kerk veel geld aan schadevergoedingen uit moeten geven. In de VS werd de afgelopen jaren ruim 1,1 miljard dollar (ruim 800 miljoen euro) aan schadevergoedingen uitgegeven, met als gevolg dat diverse bisdommen een faillissement moesten aanvragen. Ook in Ierland loopt het bedrag aan schadevergoedingen in de miljoenen.

Paus veroordeelt seksueel misbruik
De katholieke kerk is ernstig in verlegenheid gebracht door deze schandalen. Op 28 oktober 2006 veroordeelde Paus Benedictus XVI het seksueel misbruik van kinderen door katholieke priesters. Hij stelde hierbij dat de katholieke kerk alles in het werk moet stellen om herhaling te voorkomen en om het vertrouwen in de kerk te herstellen.

In de uitzending
Al deze onthullingen in de rest van de wereld roepen vragen op over de situatie in Nederland: Welke (morele) verantwoordelijkheid neemt de kerk inzake seksueel misbruik? Worden daders gestraft? Hoe beschermt de kerk zijn volgelingen tegen herhaling? Krijgen slachtoffers erkenning? Netwerk ging op zoek naar antwoorden op deze vragen.

Website voor slachtoffers van seksueel misbruik
Hulp&Recht van de RKK

________________________________________________________

19-6-2009

Hoe seksueel misbruik in instellingen voorkomen?

www.standaard.be/

Als we pijnlijke gevallen van verkrachting, zoals die de voorbije dagen aan het licht kwamen, willen voorkomen, moet ook de samenleving werk maken van een seksuele opvoeding waarin de relationele dimensie niet mag ontbreken, vindt RAF DE RYCKE.

De jongste dagen is in de media een aantal gevallen opgedoken van seksueel misbruik in residentiële welzijnsvoorzieningen gepleegd door jongeren op medebewoners. Gaat het hier over een toevallige situatie of is er iets structurelers aan de hand? In het geval van een structureel probleem dringt zich een reflectie op rond mogelijke oorzaken en aanpak. Elke verkrachting of andere vorm van seksueel grensoverschrijdend gedrag laat diepe sporen na. Naast de zeer traumatische ervaring van het slachtoffer zijn er de vele verregaande gevolgen op onder meer emotioneel vlak voor de medebewoners, de medewerkers en directie van de betrokken voorzieningen, de ouders,…

De toenemende instroom van bijzonder moeilijke doelgroepen in de welzijnssector, zoals kinderen en jongeren met gedrags- en emotionele stoornissen, in combinatie met de onderbestaffing van opvoedend en verzorgend personeel in residentiële voorzieningen voor personen met een handicap, maken dat we inderdaad geconfronteerd worden met een probleem van meer structurele aard.

De sector gehandicaptenzorg vraagt al geruime tijd bijzondere aandacht voor kinderen en jongeren met zware gedrags- en emotionele problemen. Die doelgroep wordt gekenmerkt door een niet te versmaden ondersteuningsnood, waarvoor extra omkadering en tevens speciale infrastructuur en accommodatie zich opdringen. Als gevolg van de in 1983 ingevoerde personeelsstop wordt vandaag in de sector gehandicaptenzorg gemiddeld maar 87% van de norm ingevuld. Er bestaan voorzieningen die zich richten naar de populatie van de zware gedrags- en emotionele problemen en waar amper 80% van het personeelskader ingevuld kan worden. Meer en meer worden die voorzieningen door de jeugdrechtbanken geconfronteerd met verplichte plaatsing. In theorie kunnen dergelijke plaatsingen worden geweigerd, maar in de feiten blijkt dat niet evident te zijn. Binnen een preventieve aanpak van die problemen valt ook de doorverwijzingsmogelijkheid naar de sector geestelijke gezondheidszorg of omgekeerd, waarbij binnen de sector gehandicaptenzorg professionele hulp geboden kan worden aan personen met een mentale handicap en bijkomende psychische problemen. Iedereen weet intussen hoe moeilijk het is om door te verwijzen naar de kinder- en jeugdpsychiatrie wegens een tekort aan bedden. Momenteel bereidt de federale overheid proefprojecten voor waarbij de sector geestelijke gezondheidszorg ondersteuning kan bieden aan personen met een mentale handicap en bijkomende psychische problemen binnen de gehandicaptenvoorzieningen. Ik wil er nog op wijzen dat binnen de sector gehandicaptenzorg procedures rond kindermisbruik, seksueel grensoverschrijdend gedrag,… verplicht zijn in het kader van het kwaliteitsdecreet. Vanzelfsprekend scheppen die procedures, protocollen, visieteksten, … geen waterdichte garantie tegen mogelijke seksuele misbruiken. Ze zijn wel belangrijk in het kader van de preventie en indien zich toch een misbruik voordoet.

Naast de toenemende problematiek van gedrags- en emotionele stoornissen en het schrijnend tekort aan gekwalificeerd personeel moet ook de samenleving de hand in eigen boezem steken. We weten allemaal dat de seksuele opvoeding en de hele ethiek daarrond de laatste decennia vrij fundamenteel veranderd zijn. Het doorbreken van het taboe rond seksualiteit heeft in veel gevallen plaats gemaakt voor een grenzeloos seksueel verkeer. Hiermee wil ik geenszins afbreuk doen aan de positieve ontwikkelingen zoals bijvoorbeeld inzake seksuele emancipatie. Van de maatschappij in het algemeen en van ouders, leerkrachten, opvoeders, … in het bijzonder verwachten we dat in de seksuele opvoeding niet alleen de biologische, maar ook de relationele dimensie voldoende aandacht krijgt. Aan kinderen en jongeren moet duidelijk gemaakt worden welke soms onherstelbare schade, zowel fysiek als emotioneel, men aan anderen kan aanrichten door niet-gewenste daden te stellen. Voorts zou in de opvoeding nog meer gezorgd moeten worden voor de zo noodzakelijke weerbaarheid in het leven, zodat kinderen en jongeren ook zelf grenzen kunnen trekken en die doen respecteren door anderen. In deze context zou ik ook de gevolgen naar kinderen en jongeren van bepaalde televisiesoaps waar de seksuele vrijheidsmoraal hoogtij viert, niet willen minimaliseren.

Willen we de pijnlijke gevallen van verkrachting van de laatste dagen zo goed mogelijk voorkomen, dan dringen zich meerdere acties en inspanningen op. De Vlaamse overheid en de meeste politici zijn bereid tot bijkomende inspanningen in de gehandicaptenzorg. De sector gehandicaptenzorg is vragende partij voor zowel een oplossing van de wachtlijsten als van de onderbestaffing. Maar ook naar de maatschappij leeft de verwachting van een seksuele opvoeding waar de relationele dimensie niet mag ontbreken. Deze seksuele opvoeding mag uiteraard niet los gezien worden van een globaal normen- en waardekader, zodat we op termijn niet uitsluitend aan symptoombestrijding doen, maar ook ingaan op de ware oorzaken.

Raf De Rycke is gedelegeerd bestuurder van de Broeders van Liefde.
_________________________________________________________

wo 20 mei 2009

Seksueel misbruik op Ierse scholen schering en inslag

Door: www.dag.nl

Een uitgebreid onderzoek naar katholieke instellingen in Ierland toont aan dat kerkleiders wisten dat seksueel misbruik schering en inslag was op jongensscholen. Bovendien maakten fysiek en emotioneel misbruik en verwaarlozing deel uit van het standaard repertoire, meldt de BBC.

De onderzoekers keken naar de periode 1920 – 1980, waarin zo’n 35.000 kinderen werden geplaatst in katholieke instellingen om te werken en te leren.

Slaven
De commissie komt tot de conclusie dat het hele systeem kinderen eerder als gevangenen en slaven behandelde, dan dat ze werden gezien als mensen met rechten en mogelijkheden.

De instituten werden geleid ‘op een strenge, geordende manier die op onredelijke wijze discipline afdwong bij de leerlingen en zelfs leraren’, aldus het rapport.

Herdenkingsmonument
De onderzoekers doen 21 voorstellen aan de regering om in het reine te komen met het verleden. Zo zou er een herdenkingsmonument moeten komen, zouden slachtoffers hulp aangeboden moeten krijgen en moet de huidige Ierse kinderbescherming worden verbeterd.

Strafzaken
De bevindingen zullen overigens niet worden gebruikt voor strafzaken. Dat komt onder meer doordat de Christian Brothers in 2004 wisten af te dwingen dat het hele onderzoek geanonimiseerd zou plaatsvinden. Geen enkele schuldige wordt in het rapport bij naam genoemd.
________________________________________________________

Seksueel misbruik en de kerk ...
[Sexual Abuse and the Church.]



Appeared in: Opbouw 42(14), 1998, 273-276

Abstract in English
Public interest article on sexual abuse and the church. The story of Amnon and Tamar (2 Samuël 13:1-22) provides the illustration for the dynamics of abuse, and for the response of bystanders. In a situation of sexual abuse, the story makes clear that God's name should not be mentioned to easily. Churches are called to acknowledge the existence of evil in their midst, provide safety, justice, and clarity, and scrutinize songs, sermons, and the like not only for theological truth, but more than that for their effects on wounded people.

Het is hoog tijd dat we in de kerk duidelijke taal leren spreken over seksueel misbruik. De tijd dat we onze kop in het zand konden steken is voorbij. We zijn via de media, en soms ook in directe contacten binnen gemeentes, met de neus op de feiten gedrukt. Dat is een goede zaak. Maar dan? Hoe ga je daar als kerken mee om? Hoe houd je rekening met het feit dat minstens één op de tien kerkgangers beschadigd is door seksueel misbruik? Hoe kan de kerk recht doen en een schuilplaats bieden? En kan ze vervolgens ook nog zorgvuldig omgaan met daders, omstanders en andere betrokkenen? Als zulke vragen aan de orde komen wordt het moeilijk. Dan worden onvermogen en gebrek aan inzicht soms pijnlijk duidelijk.

Met enige regelmaat spreek ik nog steeds predikanten binnen en buiten onze kerken, die nooit een slachtoffer of dader van seksueel misbruik hebben ontmoet. Hoe dat kan? Dat is niet zo moeilijk. Slachtoffers en daders zullen uit zichzelf wel blijven zwijgen. Een kerk, een predikant, hoeft maar de indruk te wekken niet open te staan voor hun verhalen, en hij zal ze nooit horen. Ik hoor nog wel eens een preek en lees nog wel eens een kerkelijk artikel. Veel daarvan zijn op zich prima, en komen voort uit goede bedoelingen. Als ik echter luister met de oren van iemand die beschadigd is (en dat is voor mij niet zo moeilijk door mijn eigen ervaringen), dan komt het totaal anders over.

Tamar
Er wordt in de bijbel een gebeurtenis verhaald, waar scherp en indringend het probleem van seksueel misbruik aan de orde wordt gesteld. Het is de verkrachting van Tamar door Amnon (2 Samuël 13:1-22). Daar staat duidelijke taal. Dat het zo duidelijk bij de naam genoemd wordt wijst er op dat de Here God zelf ons iets te zeggen heeft. Natuurlijk, het is beschreven in een andere tijd, een andere wereld, met andere wetten en gewoonten, en je kunt dan ook niet alles zo overplanten. Toch worden we in deze tekst pijnlijk geraakt door de strategieën van seksueel misbruik, de gevolgen en het onvermogen om er mee om te gaan. Misschien ook met de rol van God daarin, maar voor we daar naar vragen moeten we eerst zien wat er precies gebeurt.

Het speelt in de tijd van koning David. Kort daarvoor heeft hij overspel gepleegd met Bathseba, en haar man Uria laten doden. List en bedrog, verkrachting en doodslag. En de zonde gaat door. Tot het derde en vierde geslacht, zou je bijna zeggen. Amnon is één van Davids zoons. Een halfbroer van Absalom en Tamar. Zoals gewoonlijk zijn de namen vol betekenis. Hier is dat een wrange betekenis. 'Amnon' betekent 'betrouwbaar'. 'Absalom' betekent 'vader van vrede' of 'rijk aan vrede'. Tamar tenslotte is een rechtstreekse verwijzing naar die andere Tamar die door Juda misbruikt werd, maar die daarna voor zichzelf op kwam en overwon. Hier is Amnon de onbetrouwbare, Absalom de wreker, en Tamar moet er het zwijgen toe doen. Een afschuwelijke omkering.

De oorzaak ligt bij Amnon. Laat daar geen misverstand over bestaan. Hij valt op Tamar, zijn mooie halfzuster. Hoe diep de liefde gaat kun je betwijfelen als je het vervolg leest. Hij wil haar hebben. In de vertaling lijkt het alsof hij nog gewetensbezwaren heeft: 'zij was een maagd, en het leek hem onmogelijk haar iets aan te doen'. Wat er bedoeld wordt is: zij woonde als maagd in een apart, beschermd huis, en Amnon zag geen mogelijkheden haar te pakken te krijgen. Zijn hele leven draait nog maar om één vraag: hoe? Hij wordt er bijna ziek van. In gesprek met een sluwe vriend ontstaat het web van de dader.

Manipulaties
Bij het spinnen van dat web zijn list en bedrog al begonnen. Tegen zijn vriend heeft Amnon het over 'Tamar, de zus van Absalom'. Tegen zijn vader heeft hij het over 'mijn zuster'. Zonder aarzeling wordt precies dat gezegd wat in zijn kraam te pas komt. Het zijn geen leugens, maar het is wel een selecteren van de waarheid, een manipuleren en spelen met mensen. Of eigenlijk: met dingen. Hij ziet immers Tamar niet meer als mens, maar als object. Speelgoed. Gebruiksartikel, goed om zo weer weg te gooien als je er je lusten op botgevierd hebt.

Amnon speelt zijn rol. Hij houdt zich ziek, en kan zo de regels omzeilen. Als hij ziek is mag Tamar wel bij hem komen, en krijgt hij een kans om haar onder vier ogen te ontmoeten. Om die schijnbare vertrouwelijkheid op te voeren worden de bedienden met een list weggestuurd. Als ik dit lees, moet ik onmiddellijk denken aan alle verhalen van seksueel misbruik die ik inmiddels gehoord heb. De vormen verschillen, maar iedere keer zie je weer dat een dader moedwillig een web weeft waarin het slachtoffer gevangen wordt. De daders maken gebruik van het vertrouwen dat kinderen en vaak ook hun ouders hebben. Een aardige man, een lieve vrouw, zo leuk met kinderen. Betrouwbaar, maar dat betekende 'Amnon' ook. Stap voor stap wordt het web dichter geweven tot het slachtoffer geen kant meer op kan.

En dan volgt het seksuele verzoek. Nou ja, verzoek... Dat suggereert dat je weigeren kunt. 'Hij greep haar vast, dwong haar.' Tamar spreekt duidelijke taal. Het is onteren, het is schande, het is dwaasheid. Dat zijn in Israël zeer ernstige woorden. Met deze woorden beroept ze zich op de wet van God, die toch ook voor Amnon belangrijk moet zijn. Het gaat om een breken met de hele wet van God. Het is goddeloos wat Amnon doet. Ze doet ook nog een beroep op Amnons redelijkheid: we worden er allebei slechter van.

Het speelt zich allemaal af binnen de kaders van Israël en de wet en gewoonten van toen. Om de eer te redden stelt ze dan ook voor dat Amnon haar als vrouw vraagt. Dat zou bij ons anders gaan, omdat wij uitgaan van een vrijwillige wederzijdse keuze. Dat was toen anders, en daardoor liepen vrouwen in die tijd toch al meer risico gebruikt en vernederd te worden. Maar ook in onze tijd helpt een beroep op Gods wet of op de redelijkheid vaak weinig. Goddeloosheid en geweld zijn onredelijk, en wanneer een dader zijn seksueel misbruik zo voorbereid en gepland heeft, en een kind of minder machtige volwassene in zijn of haar macht heeft, dan helpt niets meer.

Hij overweldigde haar, onteerde haar, verkrachtte haar. En daarna verstootte hij haar, haatte haar, had een afkeer van haar. Niks geen liefde. Het is geweld. Seksueel misbruik is geen uit de hand gelopen seksualiteit. Het is geweld door middel van seksueel contact. Het gaat om macht, overheersing. De ander gebruiken als ding. Wie luistert naar verhalen van slachtoffers hoort telkens dit refrein. Steeds weer dezelfde patronen van machtsmisbruik. Altijd weer het zoeken naar kwetsbare mensen, meisjes en jongens, die onvoldoende bescherming hebben en onder valse voorwendselen in het net worden gelokt.

Ook het vervolg is bekend. Akelig bekend. Tamar, het slachtoffer verscheurt haar pronkgewaad. In rouw en boete, alsof zij schuldig is. In een wereld van leugens en manipulaties wordt alles omgedraaid. Amnon, zogenaamd de betrouwbare, en Tamar die zich schuldig voelt en rouwt om het leven dat haar is afgenomen. Tamar zegt geen woord meer in het verhaal. Ze gaat wonen in het huis van haar broer Absalom, als een eenzame. Terug getrokken, voorgoed beschadigd. Slachtoffers zwijgen in onterechte schaamte en schuldgevoel.

Amnon niet, die gaat voorlopig vrijuit. Nog steeds een lievelingszoontje van vader David. Want die doet er niets aan. Ja, hij wordt boos, als hij het hoort. Maar verder? David reageert zoals eens de priester Eli, die zag hoe zijn zoons afdwaalden, zich misdroegen, en er niets aan deed. Zo ook David. Gods wetten overtreden, zijn dochter verkracht, geestelijk zwaar beschadigd, en David doet niks. Na het hele gebeuren met Batseba kon hij ook weinig meer zeggen. Wie zo de toon heeft gezet kan ook zijn kinderen niet meer leren wat goed is.

Wat dat betreft heb ik in deze geschiedenis meer waardering voor Absalom. In het begin nog niet. Absalom komt ook niet verder dan een goedkope troost en een verkeerd advies. Stil maar. Praat er niet over. Het is je broer. Als het een vreemde was geweest had Absalom onmiddellijk een eerlijke rechtspraak geeist, en dat zou in die tijd de doodstraf betekend hebben. Maar ja, het is familie. Je hangt de vuile was niet buiten. Dus als Tamar nu haar mond houdt, blijft alles bij het oude. Opnieuw wordt het slachtoffer opgeofferd aan de belangen van anderen. Het belang van de familie. Van de eer.

Wat ik waardeer in Absalom is dat hij wel solidair is met Tamar. Ondanks zijn verkeerde woorden. Hij staat aan haar kant. Hij haat Amnon om wat die Tamar heeft aangedaan. Zoals het in Psalm 139 staat: Zou ik niet haten wie U haten? Ik haat hen met een volkomen haat. Zo haat Absalom nu zijn halfbroer. Volkomen. Twee jaar later is die haat zo volgroeid, dat Absalom Amnon laat doden. In de loop van de jaren daarna loopt het uit op een totale ondergang van het koningshuis van David. Een huis dat tegen zichzelf verdeeld is kan geen standhouden, zou de Here Jezus later zeggen. En een gezin, een land, een kerk waarin geen recht wordt gedaan, zal ten onder gaan.

Ik mag Absalom wel, ook al kiest hij verkeerde wegen. Absalom is de enige die het - op zijn eigen, onbeholpen manier - nog een beetje voor Tamar opneemt. Verder geldt voor Absalom wat ook voor David geldt. Tot op de dag van vandaag geldt het voor de meeste ouders, kerken, predikanten, hulpverleners, omstanders: een totaal onvermogen om zorgvuldig om te gaan met seksueel geweld. We weten dat het er is. We weten inmiddels dat minstens 10 procent van de jongens en 15 procent van de meisjes voor ze achttien zijn tegen hun wil tot seksueel contact gedwongen zijn. Dat zijn voorzichtige schattingen. We weten dat onder de daders vooral mannen, maar ook vrouwen zijn. Vaak vriendelijke, schijnbaar betrouwbare mensen. We weten ook dat het in de kerk even vaak voorkomt als daar buiten. En we zeggen dat het niet goed is. Natuurlijk. Maar daarna?

Waar is God?
En God? Waar is God in dit verhaal? Hij staat niet op de voorgrond. Hij komt zelfs in de bijbeltekst niet voor. Misschien terecht. Want juist voor slachtoffers van seksueel misbruik is de relatie met de Here God vaak zo problematisch, zo verstoord. Kort geleden stond in de krant een aangrijpend stuk van ouders van een jongen die door een pastoraal werker jarenlang misbruikt werd. Zij schrijven: 'bidden hielp niet, de dominee kreeg hem steeds weer uit de kleren, en terwijl deze pastor zijn gang ging, probeerde de jongen aan iets anders te denken. Zo raakte hij ervan overtuigd dat God niet bestond.' Als je weet dat het voor slachtoffers zo moeilijk is om nog te vertrouwen, te geloven, moet je God er niet te snel bij halen.

Als je zijn naam in dit kader wilt noemen, doe het dan als Tamar. Zij is de enige die verwijst naar God, hoe indirect ook. Zij weet dat God dit niet wil. Zij weet dat de Here God een hekel heeft aan mensen die anderen -zijn schepselen- beschadigen, kapot maken. Het zijn demonische krachten, die een wig drijven tussen kinderen van God en hun hemelse Vader. Een goddeloze gruwel. Daarom is de bijbel overal even duidelijk als het gaat over de zorg voor de zwakken, de onderdrukten, de mensen die als Tamar in eenzaamheid lijden omdat ze geen helper hebben. Als je Gods naam er bij wilt halen, doe het dan als de Bevrijder, de Heelmeester, de Heiland. Zoek dan je troost bij de Here Jezus, die net zo gemanipuleerd, gebruikt en gekruisigd werd. In de Here Jezus zien we hoe God zelf het afschuwelijke drama ondergaat, en hoe Hij bij de opstanding het geschonden leven in eer hersteld.

Oproep aan de kerken
Wat nodig is, is een erkenning van het slachtoffer. Recht doen aan wie onrecht is aangedaan. Stem geven aan wie het zwijgen is opgelegd. Recht doen. Geen wraak. Want daarmee doet ook Absalom - vol van vrede - afbreuk aan zijn naam. De weg die Absalom gaat is uiteindelijk even heilloos als de weg van David, die machteloos aan de zijlijn blijft. Erkenning van het slachtoffer betekent dat we ondubbelzinnig kiezen om aan hun kant te staan. Dat we ruimte scheppen waar mensen veilig zijn. Dat we het mogelijk maken dat mensen die zo beschadigd zijn hulp en misschien een beetje herstel vinden.

Wat is er voor nodig om kerk te zijn waar slachtoffers veilig zijn? In de eerste plaats moet er ondubbelzinnig gekozen worden voor recht. We zijn gewend om zaken die mensen elkaar aan doen onder de noemer van de vergeving te brengen. Daarmee worden echter de slachtoffers met hun schuldgevoel extra in de klem gezet, en het wordt daders wel erg makkelijk gemaakt hun plaats in de kerk te behouden. Verzet, recht en opstand zijn in dit kader misschien eerder aan de orde als christelijke norm dan vergeving.

In de tweede plaats moet er duidelijkheid geboden worden - in preken, catechisaties, kerkbodes - dat ervaringen van seksueel misbruik bespreekbaar zijn. Dat er ruimte is om gehoord te worden. Alleen als vanuit de kerk en de predikanten expliciet erkenning en begrip worden aangeboden, is er kans dat het verhaal boven water komt. De tijd van zwijgen is voorbij. We zullen als gemeente van Jezus Christus de gebrokenheid die er onder ons is onder ogen moeten zien. Nog altijd is er veel te weinig oog voor de tientallen, duizenden, die in stilte lijden, omdat hopelijk goedbedoelende omstanders zeggen: 'zwijg er over'. Dat zou plezierig zijn voor daders, en voor omstanders. Dan zouden we de illusie in stand kunnen houden dat onze gezinnen, kerken en scholen veilig, warm en betrouwbaar zijn. Maar de prijs daarvoor wordt betaald door mensen die geen helper hebben.

In de derde plaats zal het nodig zijn dat we onze preken, leerstellingen en opvattingen niet alleen beoordelen op de vraag of het een zuivere weergave van de oude boodschap is. We zullen ook moeten vragen of het een weergave is die heil of onheil brengt aan mensen die geschonden zijn in het diepst van hun ziel. Als de juiste boodschap bij hen de pijn en beschadiging verergert, dan klopt er iets niet, hoe dogmatisch juist het ook mag wezen, en hoe fijn de rest van de gemeente het ook mag vinden. Om hier oog voor te krijgen zouden predikanten en kerkenraden zich grondig moeten laten informeren over seksueel misbruik en de gevolgen, al is het maar om zich niet te laten misleiden door de manipulaties van daders. Wat dat betreft zou het goed zijn als er ook in onze kerken een werkgroep kwam die echt goed op de hoogte is, kerkenraden en predikanten kan informeren, aan de bel kan trekken, en ook kan adviseren hoe een goed pastoraal beleid op dit punt kan worden opgezet.

Ik pleit niet voor een heksenjacht tegen mensen die over de grens gaan. Ook daar is pastorale zorg nodig die in eerste instantie vooral helder en confronterend is. Ik vraag - in naam van al diegenen die beschadigd zijn, zoals het bloed van Abel roept tot de hemel - om een kerk waar het recht, de waarheid en de liefde zegevieren. Waar verhalen van pijn en onrecht werkelijk gehoord worden. Waar niets wordt toegedekt en niets gewroken. Waar kinderen worden beschermd, slachtoffers in ere hersteld en daders worden aangesproken. Ik vraag om een kerk van Jezus Christus, die anders dan Amnon de betrouwbare en Absalom vol vrede haar naam eer aandoet. Ik vraag niets meer dan een kerk waar iets van Gods Koninkrijk zichtbaar wordt. Zou de Here minder van ons vragen?

Copyright © 1989-2006 prof. dr. R. Ruard Ganzevoort
___________________________________________________

__________________________________________________________


































[ terug... ]Omhoog

Maak vrienden

Mijn vrienden / buddies

poll bezoekers


http://www.machtsmisbruik.nu